Tagarchief: Omgevingswet

Financiële zekerheid moet eerlijk en proportioneel zijn

FinancieleZekerheid
Lees het gehele artikel

Onder de Omgevingswet, die naar verwachting op 1 juli 2023 in werking treedt, kunnen vergunningverleners van elk afvalbedrijf eisen dat het financiële zekerheid stelt voor het ­afdekken van milieurisico’s. Het kabinet wil de mogelijkheid om dit op te leggen sectorbreed invoeren via een zogeheten ‘kan-bepaling’. Bevoegde gezagen kunnen daarmee van elk afvalbedrijf eisen, dat het de aansprakelijkheid bij mogelijke milieuschade die het bedrijf zelf niet kan betalen, afdekt. Bijvoorbeeld door daar geld voor te reserveren.

Een financiële zekerheidsstelling moet de overheid behoeden voor hoge saneringskosten bij een calamiteit of na een faillissement van een bedrijf. Iedereen onderschrijft de noodzaak van een vangnet, het kan niet zo zijn dat de maatschappij voor enorme kosten moet opdraaien. Maar het instrument moet wel eerlijk en proportioneel zijn. Als elk bedrijf verplicht veel geld opzij moet zetten, zal dat ten koste gaan van milieu-investeringen en innovaties. Vergunningverleners zouden alleen financiële zekerstelling op moeten kunnen leggen als het echt niet anders kan. Probleembedrijven moeten worden aangepakt met risicogestuurd toezicht. Ook de geschiedenis van een bedrijf moet hierbij in ogenschouw worden genomen en of het lid is van een brancheorganisatie. 

De koepelorganisatie van de provincies IPO en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven kijken naar de invulling van de financiële zekerheidsstelling. Samen denken ze na over objectieve criteria op grond waarvan het bevoegd gezag financiële zekerheid kan opleggen. Daarbij wordt gedacht aan het afgeven van een concerngarantie, een jaarlijkse solvabiliteit of een collectieve regeling. Bedrijven die fatsoenlijk opereren kunnen op flexibiliteit van de provincies en omgevingsdiensten rekenen. “We spitsen het toezicht toe op bedrijven waar de risico’s het grootst zijn. Dat geldt ook voor bedrijven die bijvoorbeeld te veel schadelijke stoffen uitstoten. Zij die de regels niet naleven, worden streng aangepakt”, aldus Tjeerd van Dekken namens IPO.

‘Maak je bedrijf Omgevingswet-klaar’

loacker-955592_0001 kopiëren
Lees het gehele artikel

Van Eijk vreest dat de wet, waarvan de invoering hoogstwaarschijnlijk opnieuw wordt uitgesteld naar halverwege volgend jaar, voor flink wat problemen kan zorgen bij afval- en recyclingbedrijven. 

“De bedoeling van de Omgevingswet is om allerlei wetgeving te bundelen waardoor zaken overzichtelijker en transparanter worden. En het is wederom een enorme decentralisatie-operatie waarbij het Rijk taken en verantwoordelijkheden overhevelt naar gemeenten. Daarmee is het de grootste wetgevingsoperatie sinds de Grondwet. En dat is meteen ook het grootste probleem. Het wordt een verzamelbak van vele deelgebieden uit diverse sectorale rechtsgebieden. Binnen die ene grote wet moet je wel je weg kunnen vinden. Dat geldt voor de ambtenaren die ermee moeten werken en voor het bedrijfsleven.” 

Wilbert van Eijck.

Chaos

Van Eijk verwacht dan ook een chaos. “De ambitie is mooi, maar wat mij betreft veel te ambitieus, er verandert teveel in te korte tijd. Alleen al de ICT-operatie die ermee gemoeid is (Digitaal Stelsel Omgevingswet, DSO) heeft veel voeten in de aarde en is bij de meeste gemeenten nog lang niet op orde. De Omgevingswet maakt het alleen maar complexer.” De advocaat, gespecialiseerd in omgevingsrecht en het Arbo- en milieustrafrecht , wijst bijvoorbeeld op het feit dat regels per gemeente kunnen gaan verschillen. “Gemeenten mogen straks leges heffen over milieu-aanvragen, net zoals ze dat nu al voor bouwaanvragen mogen doen. Dat brengt dus extra lasten voor het bedrijfsleven met zich mee.” Hij wijst ook op dreigende rechtsongelijkheid. “Er ontstaat een spanning tussen het creëren (en behouden) van een gelijk speelveld en hetzelfde beschermingsniveau voor de fysieke leefomgeving enerzijds en het bieden van maatwerk aan gemeenten anderzijds. Het kan voor je businessmodel dus nog meer dan nu al het geval is, gaan uitmaken in welke gemeente je bedrijf gevestigd is. Dat kan volgens mij nooit de bedoeling van de wet zijn.”

Mag dit straks alleen nog inpandig?

Inpandig breken

Van Eijk wijst bovendien op een specifiek onderdeel uit de nieuwe Omgevingswet dat direct betrekking heeft op de afval- en recyclingbranche: het breken van aangeleverd puin. “Dat mag straks alleen nog inpandig. Dat mag nu nog uitpandig. De vraag is of men daar wel goed over heeft nagedacht. Het heeft flinke gevolgen voor investeringen van bedrijven, maar welk milieudoel wordt ermee gediend? En botst het niet met arboregels op het gebied van stof en geluid?”

Vanwege de onzekerheid en de voorspelde chaos adviseert Van Eijk bedrijven in de afval- en recyclingsector de komende tijd eens goed naar alle vergunningen te kijken. “Als je nieuwe vergunningen nodig hebt, regel dat dan voordat de Omgevingswet in werking treedt. Dan heb je in ieder geval voorlopig duidelijkheid en zekerheid.”
De eerste jaren na invoering geldt nog een overgangsperiode om bedrijven de kans te geven zich aan te passen aan de nieuwe wet, maar Van Eijk raadt aan niet te lang te wachten. “Deze stelselwijziging is zo veelomvattend, ik ben bang dat het er na 2022 niet makkelijker op wordt.”