Tagarchief: Renewi

Renewi’s Duurzaamheidsverslag onthult toonaangevende ESG-prestaties

Schermafbeelding-2022-07-05-om-11.23.11
Lees het gehele artikel

Renewi heeft vandaag zijn Duurzaamheidsrapport gepubliceerd, waarin het bedrijf schetst hoe het zijn duurzaamheidsdoelen realiseert en bekendmaakt dat zijn ESG-prestaties* sterk zijn verbeterd.

Renewi plc (LSE: RWI, Euronext: RWI) recyclede 67% van de 12,4 miljoen ton die het vorig jaar verwerkte, wat 8,4 miljoen ton materiaal voor hergebruik opleverde. 

Enkele ESG-hoogtepunten:

– Stijging van het recyclingpercentage, dat het hoogste in de sector is, tot 67% (met als doel 75% tegen eind 2025).

– Vermijding van 3,1 miljoen ton CO2-uitstoot door recyclingactiviteiten

– Daling met 36% van het aantal ongevallen met verzuim (LTI), waardoor het percentage ongevallen met verzuim (LTIF) van 13,97 tot 8,88 daalde.

Verder wordt gewezen op de dringende behoefte aan een circulaire economie en verantwoorde afvalverwerking als aanvulling op de lopende energietransitie, die essentieel is om de doelen inzake het matigen van klimaatverandering te halen en binnen de beoogde 1,5 °C volgens het Akkoord van Parijs te blijven.

“Circulariteit en recycling moeten de drijvende kracht zijn achter klimaatmaatregelen. Systeemveranderingen rond het hergebruik van materialen en een nieuw leven voor afval zijn cruciaal voor de transitie naar een circulaire economie”, zegt Otto de Bont, CEO van Renewi. “Duurzaamheid staat centraal in het bedrijfsmodel van Renewi. Ons doel – gebruikte materialen een nieuw leven geven – maakt de circulaire economie mogelijk, die essentieel is als de samenleving haar CO2-reductiedoelstellingenwil halen”, voegt de Bont eraan toe.

Actief zijn in de meest geavanceerde circulaire economieën ter wereld (Nederland en België) biedt steeds meer mogelijkheden om te investeren en samenwerkingsverbanden aan te gaan teneinde meer materialen uit afval terug te winnen. Renewi gebruikt steeds verfijndere sorteer- en verwerkingsmethoden om waardevolle secundaire materialen, met een lage CO2-voetafdruk te produceren.  

Vooral in de Benelux nemen overheden, de Europese Unie, bedrijven en consumenten maatregelen en voeren ze veranderingen door om de klimaatcrisis aan te pakken. In het Duurzaamheidsrapport stelt Renewi dat die vooruitgang nog moet worden versneld.  

Een circulaire economie vereist partnerschap, samenwerking en grote investeringen in innovatieve technologie. Meerdere spelers die samenwerken, kunnen vaststellen welke maatregelen nodig zijn om afvalverbranding en de lineaire economie te vervangen. Oplossingen zijn onder meer een grotere specialisatie in het sorteren en verwerken van afval en een steeds grotere ‘valorisatie’ van afval om betere materialen voor hergebruik te produceren.

De drie duurzaamheidspijlers van Renewi

De duurzaamheidsstrategie van Renewi is gebaseerd op drie pijlers: de circulaire economie mogelijk maken door verbranding en storten te vervangen door recycling, de eigen koolstofemissies verminderen en zorg dragen voor mensen.  Wij zijn ambitieus in onze duurzaamheidsdoelstellingen en werken daartoe momenteel aan een stappenplan om de emissies in scope 1, 2 en 3 terug te dringen, zodat we ons tot CO2-neutraliteit kunnen verbinden. We breiden ons begrip van klimaatverandering ook uit tot andere zaken dan CO2 en zijn begonnen met het verbreden van onze duurzaamheidsdoelstellingen om dit in kaart te brengen.

Optimistische vooruitzichten

Renewi is optimistisch over de toekomst. Wij zijn ons bewust van de noodzakelijke stappen die moeten worden gezet en spelen een toonaangevende rol. We staan aan de basis van het behoud van grondstoffen en materialen: door verbranding en storten te vervangen door recycling, spelen we een actieve rol in het afremmen van de opwarming van de aarde. Door samen met klanten en partners koolstofarme secundaire materialen van hoge kwaliteit voor gebruik in de productie te ontwikkelen, helpt Renewi de dreiging van klimaatverandering aan te pakken om de gezondheid van onze planeet voor de huidige en toekomstige generaties te verbeteren. Kleine daden kunnen grote gevolgen hebben en samen kunnen we de wereld veranderen. Renewing Earth!

In het Duurzaamheidsrapport van Renewi leest u meer over de inzet van het bedrijf. 

Renewi investeert in kunststofrecycling

Marion-Slegers-met-collega’s-op-de-locatie-waar-de-nieuwe-kunststoflijn-gebouwd-wordt
Lees het gehele artikel

Het waste-to-productbedrijf Renewi investeert miljoenen in een nieuwe lijn voor kunststofrecycling in Acht, bij Eindhoven. Het doel is om in 2023 met behulp van geavanceerde technologieën nog meer plastics te verwerken tot nieuwe grondstoffen en tegen betere kwaliteit.

Renewi geeft een tweede leven aan gebruikte materialen. Kortom Renewi verkrijgt waarde uit afval. Op dit moment geeft Renewi aan 66,5% van het totaal inkomend afval een tweede leven, maar het doel is om het recyclepercentage te verhogen naar 75%. Binnen dit Mission75 programma zijn er tal van innovatieprojecten om dit doel te behalen. Eén daarvan is het realiseren van een nieuwe recyclinglijn voor harde kunststoffen in Acht. Met deze nieuwe lijn kan Renewi niet alleen meer maar ook beter recyclen.

Duurzamer alternatief

Renewi kiest niet voor een eenvoudige ‘upgrade’ van de recyclinglijn. De voorkeur gaat namelijk uit naar een veel duurzamer alternatief. “Wij willen waardevol kunststofafval niet verloren laten gaan”, zegt Eric Pero, Director Operations, en zo ontstond het innovatieproject Plastics Acht. “We gaan tegen de 70% recyclen in plaats van de huidige 60% én tegen veel betere kwaliteit. Investeren in een volledig nieuwe recyclinglijn moet Renewi namelijk in staat stellen om niet alleen hoogwaardige kunststoffen, zoals een harde kunststoffenmix vanuit onder andere milieustraten te recyclen, maar ook laagwaardigere harde kunststoffen. Deze vaak meer vervuilde kunststoffen, bijvoorbeeld afkomstig uit en bouw, sloop en bedrijfsafval, worden soms nog verbrand. En dat is zonde, zeker omdat hergebruik wél mogelijk is met de juiste middelen”, aldus Pero.

Zuiverdere kwaliteit

Naast het recyclen van hoog- en laagwaardige kunststofstromen, zal de nieuwe recyclinglijn in Acht ook een hogere kwaliteit van meerdere van elkaar gescheiden soorten harde kunststoffen gaan leveren. De nieuwe lijn zal circa 98% zuiverheid opleveren. Op deze manier kunnen afnemers het harde kunststoffen-maalgoed straks direct opnemen in hun eigen productieproces. Hiermee gaan we naar verwachting een mooie en betere standaard neer zetten voor harde kunststof recycling.

CO2-reductie 

“Met de verbeteringen en vernieuwingen die wij in onze producten en processen doorvoeren, willen wij onze bijdrage leveren aan de doelstelling van een klimaat neutrale samenleving. Circulariteit is daarbij heel belangrijk. Het mooie is dat we meer stromen hoogwaardiger gaan recyclen. Hiermee besparen we volume dat gestort en verbrand wordt. Dan haal je écht waarde uit je afval. Door toevoegen van extra sorteer- en zuiveringsstappen, kunnen we dus meer van het inkomend materiaal recyclen en voorkomen we onnodig transport. Deze aanpak moet resulteren in een flink milieuvoordeel, met een CO2-reductie van 6.200 ton equivalent per jaar. Dit staat gelijk aan 31.931.330 kilometer autorijden en dat is ongeveer 9.699 keer op en neer van Amsterdam naar Rome”, zegt Eric Pero.

Extra banen

“Ik ben trots om samen met mijn collega’s deel uit te maken van dit proces”, zegt Marion Slegers, medewerkster kunststofbewerking, “en kijk uit naar een volledig draaiende recyclinglijn. De bouw van de nieuwe installatie zal rond de zomer beginnen en is midden 2023 volledig operationeel. Er zullen extra medewerkers aangenomen worden om de recyclinglijn te bemensen.” En als het dan straks 2023 is, zijn we er dan? “Nee hoor, het vernieuwingsproces houdt daarmee niet op. Wij denken dat er nog meer kunststof materiaalstromen zijn die we kunnen terugbrengen als grondstof. Dit zal hopelijk leiden tot een wisselwerking in- en extern”, zegt Eric Pero.

Circulariteit en recyclage moeten de motor zijn van onze klimaatacties

IR2021
Lees het gehele artikel

Meten is weten. Ok, een boutade maar het laatste IPCC rapport is nog maar eens heel duidelijk: we moeten nu actie ondernemen – er rest ons geen acht jaar meer tot 2030- én circulariteit, meer bepaald recyclage, kan op korte termijn een deel van de oplossing zijn! Overheden, bedrijven, consumenten, producenten: laat ons samen hier aan werken.

IPCC: onschatbare wetenschappelijke bron voor klimaatambities en -actie

In augustus 2021 publiceerde het IPCC het eerste deel van het zesde evaluatierapport waarin werd gewaarschuwd dat de mensheid in ‘code rood’ zit. In veel delen van de wereld staan mensen en ecosystemen al met hun rug tegen de muur. Dichterbij huis hebben droge zomers, overstromingen, bosbranden, hittegolven en zware stormen de klimaatcrisis tastbaarder gemaakt dan ooit tevoren.

Het nieuwe, tweede deel van het IPCC rapport wijst ons vandaag onverbiddelijk op de ernstige impact en risico’s die de opwarmende wereld zal hebben en nu al heeft op mensen, natuur, ecosystemen en geopolitiek. Dit rapport legt bovendien ook de sociale en maatschappelijke gevolgen van de klimaatcrisis bloot. Ook in dit tweede deel ligt de nadruk op de urgentie – dat de ergste risico’s kunnen worden vermeden als we enerzijds snel actie ondernemen om de broeikasgassen terug te dringen en anderzijds de uitgaven, om mensen te helpen zich aan de klimaatverandering aan te passen, opvoeren.

Het derde deel van het rapport, over de mitigatie/verzachting/matiging van de klimaatverandering én oplossingen volgt begin april. Het volledige IPCC syntheserapport zal in de herfst van 2022 worden voorgesteld.

Deze rapporten zijn cruciaal om de effecten van klimaatverandering te begrijpen en oplossingen te ontwikkelen die zowel het milieu als de mens ten goede komen. Deze wetenschappelijke verslagen van het IPCC moeten als basis gebruikt worden voor de formele onderhandelingen van de VN-conferentie, COP 27, in november, waar van de landen nu écht wel wordt verwacht dat zij hun klimaatambities verhogen, tastbaar maken én klimaatactie ondernemen.

Afval kan de kringloop sluiten

De problemen zijn enorm en er is haast geboden, daar laat dit rapport geen twijfel over bestaan.  Maar, andere recent verschenen rapporten stemmen me ook hoopvol: samen kunnen we er nog iets aan doen.

Uit het onlangs verschenen 2022 Circularity Gap Report blijkt dat we wereldwijd 100 miljard ton grondstoffen per jaar verbruiken en slechts 8,6% hergebruiken. Sinds COP21, zes jaar geleden, hebben we meer dan een half biljoen ton grondstoffen verbruikt. Het equivalent van 14 olifanten voor elke persoon ter wereld. Dat is 70 procent meer dan de aarde zelf kan aanmaken. Enorm, dus. De uitstoot als gevolg van ons overmatig gebruik van nieuwe materialen creëert emissieniveaus die onverenigbaar zijn met de Overeenkomst van Parijs. Deze circulariteitskloof (meer dan 90 procent van de materialen zijn voor altijd verloren!) is ongelofelijk groot, maar biedt tegelijk mogelijkheden om op ‘korte termijn’ de CO2-uitstoot te verminderen, als we de materialen, onder andere, door recyclage in de kringloop houden.

Bovendien blijkt uit een recente studie van onder meer de Europese afvalfederatie FEAD en studiebureaus CE Delft en Prognos dat de jaarlijkse CO2-uitstoot met 150 miljoen ton kan dalen (in vergelijking met 2018), als we in Europa de doelstelling van 65% recyclage en maximum 10% afval naar stortplaatsen behalen. 150 miljoen ton, stel je voor, dat is veel meer dan de jaarlijkse uitstoot van een land als België (106 miljoen ton in 2020). Door consequente consistente recyclage en hergebruik van grondstoffen kan de Europese afvalsector dus een enorme bijdrage leveren aan de Europese klimaatambities.

Systeemverandering rond het hergebruik van materialen en afval een nieuw leven geven, is niet alleen onontbeerlijk voor de transitie naar een circulaire economie en de sleutel om de Europese klimaatdoelstellingen te halen, maar ook noodzakelijk om de consumptievoetafdruk terug te brengen binnen de grenzen van een leefbare wereld.

Afval bestaat niet… als de politieke wil er is…

Ondanks de ernstige wetenschappelijke en empirische waarschuwingen, lijkt het er wel op dat er nog heel wat knelpunten zijn om deze potentiële CO2-besparingen te bereiken. Maat-en regelgeving houden geen gelijke tred of worden nog niet snel genoeg genomen om écht een verschil te maken. Hiervoor zal Europa, en ook België, nog meer politieke wil om de recyclagecapaciteit verder te stimuleren, moeten tonen. Uniforme en consequente signalen zoals onder meer overheidssteun voor systemen die een gescheiden inzameling van meer afvalstromen mogelijk maken, quota voor het gebruik van recycled content voor productiebedrijven, meer aandacht voor ecologisch ontwerp en recycleerbaarheid van producten en verbod op storten en verbranden.

Het is het momentum om stroeve wetgeving en belastingsystemen om te buigen in duurzame mogelijkheden, om dingen aan te pakken als samen werk maken van het wegnemen van  belemmeringen voor een circulaire economie. Het toekennen van het juiste (tijdelijke) statuut aan de afvalverwerking bijvoorbeeld zou een enorme bottleneck voor afnemers van recyclaten wegwerken. Aanvaard, gedoog een transitieperiode alvorens een definitief statuut aan de afvalverwerking te geven. Zonder een overgangsfase wordt innovatie in de kiem gesmoord, elke investeerder weggejaagd én is een circulaire economie onmogelijk. Dit is een verpletterende verantwoordelijkheid van de overheden. Zo niet blijven we achter de feiten aanhinken en krijgen we de cirkel nooit rond.

… en de markt er om vraagt

De hindernissen voor een goed functionerende circulaire economie zijn eenvoudiger te overwinnen dan we denken. Recycling draait, net als de meeste markten, om vraag en aanbod. Het aanbod wordt gestimuleerd door het creëren van een duidelijk normatief regelgevend kader.

Deze push vanuit de overheid zal echter niet volstaan. Ook de producent wil en moet steeds duurzamer zijn. De Monitor voor Circulaire Economie leert ons dat de Vlaamse economie 21% scoort op circulariteit, terwijl consumenten zouden kunnen concluderen dat het gemeengoed is geworden. Ambitieuzere en meetbare doelstellingen  en transparante verslaglegging van bedrijven kunnen de noodzakelijke versnelling brengen. En als het bedrijfsleven zijn verantwoordelijkheid neemt kunnen de overheden ervoor zorgen dat het economisch speelveld gelijk wordt.  Dit stelt de consument tenslotte in staat duurzame keuzes te maken en naast het zuinig omgaan met grondstoffen, ook een belangrijke bijdrage aan de versnelling van de circulaire economie te leveren. De motor is er, de route kennen we. Nu hoeven we alleen nog een gelijk speelveld met uniforme spelregels. Pas dan wint circulariteit. Pas dan kunnen we het tij keren.

‘Een bedrijf met meer ervaring 
 in mobiel wegen bestaat niet’

Welvaarts_002
Lees het gehele artikel

Het altijd exact weten wat iets weegt is misschien wel het allerbelangrijkste binnen de sloop- en recyclingbranche. Kleine verschillen kunnen grote gevolgen hebben in een markt waar de marges dun zijn en de volumes hoog. Welvaarts Weegsystemen is dé expert op het gebied van mobiel wegen. Het bedrijf uit Den Bosch levert niet alleen geijkte mobiele weegsystemen. Het zorgt ook voor de opbouw, het onderhoud en de service. En de Bosschenaren zorgen er voor dat weeginstallaties zelfs op locatie gekalibreerd en geijkt kunnen worden.

Welvaarts Weegsystemen werd in 1978 opgericht door Wim Welvaarts. Hij bestierde toen nog een kalvermesterij en daarbij was het essentieel dat hij wist hoeveel de kalveren wogen. Welvaarts bedacht daarop een zogenoemde ‘veeweger’, een compacte rijdende kar met hoge zijkanten en een voor- en achterkant die open en gesloten konden worden. De bedoeling was dat een dier door de kar kon lopen en dat direct het gewicht zichtbaar werd zonder dat de boer hier veel tijd en energie mee kwijt was. Dit was de basis van mobiel wegen, wat later de kern van Welvaarts B.V. werd.

Na enkele jaren verschillende oplossingen te hebben bedacht voor de dierhouderij waarbij gewichtsbepaling centraal stond, bleken er andere sectoren te zijn waar mobiel wegen interessant zou kunnen zijn. Dit begon met een mobiele weegbrug waar voertuigen geheel of gedeeltelijk gewogen konden worden. Maar mobiel wegen wordt pas echt ‘mobiel’ als er onderweg gewogen kan worden, zonder dat er tijd verloren gaat aan het verrichten van de weging.

Geijkte mobiele weegbruggen zijn uitermate geschikt voor kortstondige behoefte aan extra weegcapaciteit, zoals bij dit asfalt depot in Utrecht.

In 1991 werd het eerste ‘afzet-container-weegsysteem’ uitgeleverd. Tijdens het afzetten van de container werd een automatische weging verricht door de chauffeur zonder dat hem dit extra tijd kostte. Deze weging werd opgeslagen in een kleine computer en eventueel uitgeprint in de cabine van de trekker.

Het bedrijf van Welvaarts is sindsdien uitgegroeid tot dé expert op het gebied van mobiel wegen. Hein Jacobs, verantwoordelijk voor de sales en marketing bij Welvaarts Weegsystemen: “We produceren tegenwoordig kraakpers totaalweegsystemen, weegsystemen voor afzetcontainers, beladingsweegsystemen, mobiele weegbruggen en tank-, kraan- en laadklepweegsystemen. Maar we leveren net zo makkelijk volledig op maat gemaakte systemen.”

In eigen huis

Welvaarts ontwikkelt en produceert alles geheel in eigen huis Jacobs: “ Zowel de elektronica en software, als de technische opbouw van de weegsystemen wordt door onze eigen mensen gemaakt. Doordat beide specialismen nauw samenwerken en verbonden zijn ontstaan unieke innovaties. Ons team bestaat uit 30 personen, waarvan het merendeel een achtergrond heeft in de werktuigbouw en dagelijks te vinden is in de werkplaats. Zij zorgen ervoor dat de weegsystemen opgebouwd, geijkt en getest worden. Een deel van dit team is bezig met het ontwikkelen van software en kijkt vooruit naar trends en toepassingen op het gebied van mobiel wegen in de transportwereld.”

Zo leverde Welvaarts afgelopen jaar nog de techniek voor een gezamenlijke vuilniswagen die wordt gebruikt door SUEZ, Renewi en gemeente Amsterdam om bedrijfsafval in te zamelen. “Door de inzamelwagen te delen kon het aantal ritten door de drukke stad met 40% verminderd worden”, vertelt Jacobs. “Door toepassing van een Welvaarts weegsysteem kan er toch direct op eindklant-niveau onderscheid gemaakt worden.”

Eerste opleiding over Circulaire Economie met topdocenten

Hires-Renewi Amersfoort8691-1 kopiëren
Lees het gehele artikel

“Een circulaire economie is geen modewoord, maar dé sleutel voor een beter leven op deze aardbol voor onze kinderen.” Aldus Gilbert de Raad, Circular Economy Specialist bij waste-to-product bedrijf Renewi en docent en initiatiefnemer van de nieuwe 5-daagse opleiding ‘Regie in de Circulaire Economie’ die op 28 september van start gaat. 

De opleiding is een samenwerking tussen Renewi en het Studiecentrum voor Bedrijf en Overheid (SBO). “Vanuit de markt was er veel vraag naar een opleiding als deze”, legt De Raad uit. “Circulaire Economie is nog een betrekkelijk nieuw begrip, veel beleidsmakers zijn nog lineair opgeleid en er blijkt een grote behoefte aan duiding en met elkaar van gedachten wisselen over hoe we de economie anders moeten inrichten.” 

Want dat dat nodig is, daarover bestaat geen twijfel. De Raad: “Met het Klimaatakkoord van Parijs hebben we afgesproken dat we de opwarming van de aarde onder de twee graden Celsius willen houden.De circulaire economie is 85% van de oplossing om onder de 2 graden opwarming te blijven. De overige 15% komen uit de huidige klimaatakkoorden. Wereldwijd is op dit moment 8,6% van de economie circulair. Als we dat in 2032 weten te verdubbelen, dan blijven we in 2100 onder de twee graden opwarming. Dat biedt hoop. We hoeven immers maar het dubbele van ‘niet heel veel’ te realiseren.”

Maar om die verdubbeling te realiseren moeten we wel handelen, stelt De Raad. “Samen met alle partners in de keten. En daar gaat deze opleiding bij helpen.” 

Topdocenten

Door de goede contacten die De Raad en Renewi al in het verleden hadden opgebouwd zijn er voor de eerste editie van de SBO-opleiding ‘Regie in de Circulaire Economie’ een flink aantal topdocenten aangetrokken. Naast Gilbert de Raad zijn dat Michel Schuurman, Directeur Economie en Politiek bij MVO Nederland; Arnoud Walrecht, Director KPMG Sustainability en Global Circular Economy Lead;  Mirjam Kibbeling, Duurzame innovatieversneller bij STILWERKTen Bestuurder Nevi (vereniging voor inkoop- en supply management); Hein Brekelmans en Ricardo Tacken van de Sustainable Finance Desk van ABN AMRO; Freek van Eijck, Managing Director bij Acceleratio en Directeur Holland Circular Hotspot en Annerieke Douma, Director Global Alliances and Cities, Circle Economy. 

Katalysator

“Naast het vergroten van kennis is het ook uitdrukkelijk de bedoeling van de opleiding om deelnemers in contact te brengen met deze absolute koplopers en met gelijkgestemden”, stelt De Raad. “Op die manier kan de opleiding fungeren als een katalysator. Want we hebben alle ketenpartners nodig om een systeemverandering op gang te brengen.” 

Tijdens de opleiding, waarvoor geen voorkennis benodigd is, wordt ingegaan op alle aspecten van de circulaire economie. “Hoe kun je als bedrijf geld blijven verdienen, zonder dat over de rug van de aarde te doen”, vat De Raad kernachtig samen. “En hoe financier je dat dan? Welke businessmodellen zijn er al? Maar ook: Welke rol heeft de overheid? Welke subsidies zijn er? Hoe en waar koop je circulair in? Welke materiaalstromen zijn er. Ofwel: het is veel breder dan afval en recycling alleen. Het vergt een complete omslag in denken.”   

De 5-daagse opleiding ‘Regie in de Circulaire Economie’ van SBO in samenwerking met Renewi start op 28 september. Inschrijven kan via sbo.nl

“Ik denk wel dat ik iets op gang gebracht heb”

proud newi – bianca kopiëren
Lees het gehele artikel

En we stellen ze graag uitgebreid aan u voor. In elke editie laten we een vrouw uit de sector aan het woord over haar job en wat die precies zo fijn maakt. Deze keer Bianca Lippens, aan de slag als chauffeur en belader bij Renewi in Evergem.

Het begon allemaal met een klein uithangbord ‘chauffeurs gezocht’. “Een totaal nieuwe wereld, maar het leek me een uitstekende kans om mezelf verder te ontplooien.” Een sollicitatiegesprek later mocht Bianca aan de slag bij Renewi. Eerst als belader, een jaar later kreeg ze ook de kans om chauffeur te worden. “We gaan per team op pad met twee chauffeurs. Op die manier kunnen we na twee uur de rollen omwisselen. Dat maakt de job altijd weer boeiend en met die frisse lucht is het nog goed voor de gezondheid ook. Het enige wat eens kan tegenzitten is het weer. Maar ik ben echt terechtgekomen in een kleine familie. Hoe lastig het werk ook is, we maken altijd veel plezier.”

De eerste maar niet de enige

Toen ze begon was Bianca de eerste vrouw. “De job valt echt niet te onderschatten. Ik ben redelijk sportief en beschik over een flinke dosis doorzettingsvermogen. Belangrijke eigenschappen om eraan te beginnen maar vooral om het vol te houden. Van een aanpassingsperiode was dan ook geen sprake, ik werd meteen aanvaard door de collega’s. Er zijn sindsdien ook al een aantal vrouwen in het team van beladers bij gekomen. Ik denk wel dat mijn aanwezigheid daar voor iets tussen zat, dat ik iets op gang heb gebracht”, vertelt Bianca trots.

Belang van recyclage

Wat het mooie is aan haar job? “De collega’s maken je dag, maar het voelt ook goed om bij te dragen aan een betere wereld. Sinds de coronacrisis merk je ook veel meer steun en respect van de mensen voor wat we doen. Een duim omhoog, spontaan handgeklap, het doet deugd. Dat afval niet zou bestaan, daar merk je niks van in deze job. Integendeel. Maar dat het geen afval hoeft te blijven, daar zorgt Renewi voor. Waste no more is geen holle slogan. Als ik de kans krijg om door te groeien binnen het bedrijf en die boodschap verder te helpen uitdragen, dan ga ik die zeker grijpen. Want ze moet verteld worden. Alleen allemaal samen kunnen we het verschil maken.”   

De tijd om in actie te komen is NU! – Otto de Bont, CEO Renewi

Renewi Wateringen kopiëren
Lees het gehele artikel

Renewi, een toonaangevend waste-to-product bedrijf, staat klaar om overheden te helpen bij het terugdringen van broeikasgasemissies en het behalen van duurzaamheidsdoelstellingen door meer gebruikte materialen om te zetten in hoogwaardige secundaire grondstoffen.   

De emissie van broeikasgassen in Europa daalde afgelopen jaar met 13,3%. Dankzij dit indrukwekkende resultaat is het continent goed op weg om de duurzaamheidsdoelstellingen voor 2030 te behalen. Maar als Europa de emissies verder wil terugdringen, is er actie nodig.

Het is tijd dat Europa en het Verenigd Koninkrijk de circulaire economie tot hun voornaamste prioriteit maken: afval en vervuiling uit het productieproces weren, producten en materialen in gebruik houden en natuurlijke systemen regenereren om de algehele gezondheid van het systeem te bevorderen en te versterken. De recyclingsector speelt een sleutelrol bij het omzetten van gebruikte materialen (afgedankte producten) in hoogwaardige secundaire grondstoffen, en dient er tevens voor te zorgen dat fabrikanten deze grondstoffen kunnen gebruiken ter vervanging van nieuwe, zogenaamde virgin, grondstoffen. Daarmee beschermen we niet alleen de aarde door de noodzaak van het ontginnen van nieuw materiaal te beperken, maar beperken we ook koolstofemissies in het productieproces. 

“Europa en het Verenigd Koninkrijk hebben laten zien een leidende rol te willen spelen in de introductie van circulariteit en het bevorderen van de circulaire economie”, zegt Otto de Bont, CEO van Renewi. “Daarbij lopen Nederland en België voorop, samen met een handvol andere Noord-Europese landen. Overheden moeten echter extra stappen zetten om te zorgen dat de ambitieuze klimaatdoelstellingen worden behaald.” 

“Denk bijvoorbeeld aan het introduceren van maatregelen om de vraag naar secundaire grondstoffen te stimuleren, zoals een verplichte minimale te gebruiken hoeveelheid deze materialen, het heffen van CO2-belasting op verbranding als ook het introduceren van “reële kostprijzen” op primaire materialen om de gevolgen voor het milieu inzichtelijk te maken. Het is ook belangrijk om het aanbod van subsidies te vergroten om het gebruik van innovatieve nieuwe recyclingtechnologieën te stimuleren, zodat lastig te recyclen afvalstromen in de toekomst eveneens kunnen worden gerecycled”, zegt hij. “Dit is het moment voor overheden om in actie te komen en te zorgen dat de industrie de circulaire economie steunt.”

Renewi staat klaar om overheden te ondersteunen middels zijn duurzaamheidsstrategie, die draait om het produceren en hergebruiken van een groeiende hoeveelheid secundaire grondstoffen, gekoppeld aan de missie om de recyclingpercentages vóór 2025 met 10% te verhogen tot 75%. Dankzij deze inzet in combinatie met de bestendige resultaten van Renewi en de gerealiseerde reductie in CO2-emissies van activiteiten op de bedrijfslocatie en afvalinzameling met behulp van lage-emissievoertuigen helpt Renewi Europa en het Verenigd Koninkrijk om hun waardeketens nog meer circulair te maken.

Lees meer over de inspanningen van Renewi in het duurzaamheidsverslag: https://www.renewi.com/en/investors/investor-relations/reports-and-presentations

De Pen | Europa moet het momentum grijpen. Nu. 

© Twycer / www.twycer.nl
Lees het gehele artikel

Er zijn minstens twee redenen waarom deze doelstellingen in gevaar zijn. De eerste houdt verband met de coronacrisis en de tweede met de vraag naar gerecycleerde materialen.

Tijdens de eerste golf van de coronapandemie stopten afvalbedrijven In een groot aantal EU-landen met de gescheiden inzameling van recycleerbaar afval. Dat gebeurde vooral toen sommige gemeenten overschakelden op gecombineerde inzameling. Op basis van onze eigen ervaringen was dit niet het geval in Nederland en België, maar blijkbaar wel in zwaar getroffen Zuid-Europese landen. Wat op zijn beurt tot minder recyclage leidde. Op dat moment, en gezien de extreme druk om essentiële diensten operationeel te houden, was er weinig keuze. Maar nu kunnen we van de situatie leren en stappen zetten om ervoor te zorgen dat het niet opnieuw gebeurt bij de tweede golf.

Om de nodige omstandigheden voor een circulaire economie te creëren, moeten overheden in overleg met de industrie een duurzame vraag naar gerecycleerde materialen tot stand brengen. Om succesvol te zijn moet deze vraag minder afhankelijk zijn van prijsschommelingen van nieuwe grondstoffen. Alleen wanneer overheden actie ondernemen, kan de recyclage-industrie het aanzienlijke kapitaal investeren dat nodig is om aan die groeiende vraag te voldoen. Onze aanbeveling? Overheden, het bedrijfsleven en de industrie moeten samenwerken om ervoor te zorgen dat de duurzaamheidsdoelstellingen van Europa niet in het gedrang komen.

Dit is een complexe opdracht die enerzijds ‘begeleiding’ door de Europese Unie en haar lidstaten vergt en anderzijds een reeks oplossingen. Er bestaan al een aantal beleidsinstrumenten, zoals maatregelen die de vraag naar secundaire materialen aanwakkeren. Ten tweede denken we aan maatregelen die de vernietiging van herbruikbare materialen ontmoedigen, zoals belastingen op het gebruik van stortplaatsen en verbrandingsovens en CO2-belasting. Ten derde komt het erop aan te sensibiliseren en innovatie aan te moedigen via subsidies.

Ontmoedigende maatregelen zijn even belangrijk om ruimte te creëren voor recyclage. Een minimum-percentage aan secundaire materialen in eindproducten, in combinatie met verbrandings- en CO2-belastingen om het gebruik van primaire materialen te ontmoedigen, speelt in het voordeel van recyclage. Zo zou de eenvoudige verplichting om in bepaalde eindproducten een minimumpercentage aan secundaire grondstoffen te gebruiken de vraag naar gerecycleerde materialen stevig ondersteunen en op die manier de ambitieuze Europese recyclagepercentages haalbaarder maken.

Om het aanbod aan gerecycleerde grondstoffen van hoge kwaliteit op te drijven, kan Europa een belangrijke rol spelen door innovatie aan te moedigen en de schaalgrootte van de Unie te benutten. In België en Nederland bestaan die al op nationaal niveau voor diverse afvalstromen. De invoering van minimale standaardwaarden voor afvalverwerking in heel Europa zou de potentiële markt voor innovatie uitbreiden.

Om echt doeltreffend te zijn en oneerlijke concurrentie te vermijden, moeten beide hierboven beschreven beleidsinstrumenten pan-Europees zijn. We hebben geen tijd te verliezen. Covid-19 is een crisis, maar de klimaatverandering dreigt een ramp te veroorzaken en tijd staat niet aan onze kant. Deze maatregelen kunnen snel geïmplementeerd worden en zullen een sleutelrol spelen in het behalen van de recyclagedoelstellingen van 2030. We moeten nu doortastend optreden om de circulaire economie de wind in de zeilen te geven. En om het risico van korte termijnbeleid aan te pakken dat de Europese langetermijndoelstellingen inzake circulaire economie kan ondermijnen.   

Van afgedankt matras naar nieuwe ondervloer

RetourMatras-matrasrecycling-Aslon-Refoam-valdemping
Lees het gehele artikel

Aslon Refoam produceert ondergrond en ondervloertoepassingen van het foam, Donker Groep past vanaf heden deze ondervloer toe voor valondergronden in parken, speeltuinen en sportvelden. Daarnaast kan het foam ook gebruikt worden als ondervloer in gebouwen of (geluid) isolatie. Met de samenwerking wordt er per matras 48kg CO2 en 2 m2 grondstoffen voor ondervloer bespaard.

Middels de circulaire samenwerking geven de vier organisaties gezamenlijk zoveel mogelijk nieuw leven aan de grondstoffen voorkomend uit afgedankte matrassen. Renewi verzorgt in dit proces het transport en haalt hiervoor de matrassen op bij bedrijven, instellingen of milieustraten en brengt deze naar RetourMatras alwaar het matras wordt gerecycled, dat een drietal grondstoffen oplevert; metaal, textiel en bonded foam. Vanuit het recyclingproces gaat het staal naar de staalindustrie, het textiel wordt tot garen verwerkt door textielbedrijven en gaat het foam naar Aslon Refoam dat hieruit ondergrond en ondervloertoepassingen produceert wat uiteindelijk wordt toegepast in valondergronden. Ook kan het gerecyclede foam worden gebruikt worden als ondervloer in gebouwen of (geluid) isolatie.

Matrassen bestaan uit een grote hoeveelheid herbruikbare materialen. Door de matrassen duurzaam te verwerken in plaats van te verbranden, komen er grondstoffen vrij, secundaire grondstoffen waarvan weer nieuwe producten kunnen worden gemaakt.

‘Herbruikbare grondstoffen in de praktijk’

Chico van Hemert, Operationeel directeur bij RetourMatras: “Het matrasrecyclingconcept dat we in 2009 introduceerden heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Dankzij het samenwerken met partners als Renewi, Aslon Refoam en Donker Groep zien we het effect van herbruikbare grondstoffen in de praktijk. En dat is waar we het voor doen! We blijven het duurzame recyclingproces van afgedankte matrassen optimaliseren. Verschil is nu dat we ons steeds meer richten op de circulaire samenwerking. Met elkaar kunnen we meer bereiken, doordat we gebruikmaken van elkaars netwerk, kennis en innovatieve ideeën.”

‘In het hart van de circulaire economie’

Frank Geelen, Manager Product Development Renewi Nederland: “We zijn verheugd met deze samenwerking waarin we bijdragen aan de versnelde transitie naar de recycling van afgedankte matrassen. Dit past bij onze visie op ‘waste no more’ en sluit aan bij het streven om het voortouw te nemen in het creëren van secundaire grondstoffen en actief te zijn in het hart van de circulaire economie. De activiteiten van Renewi draaien immers om gebruikte materialen een nieuw leven te geven. Deze circulaire samenwerking in de keten behaalt ook daadwerkelijk resultaat. Samen maken we een verschil van dag én nacht  en daar ben ik trots op!”

‘Een duurzame toekomst’

Martijn Bentvelzen, productmanager Aslon Refoam: ‘’wij zijn trots op de samenwerking tussen de 4 partners waardoor wij met dit circulaire proces kunnen bijdragen aan een schone en duurzame toekomst. Door de toename in het recyclen van matrassen komt er steeds meer foam vrij. Dankzij voortdurende innovatie en oog voor de ontwikkelingen in de markt blijven wij zoeken naar markten en producten waar wij het foam kunnen inzetten om nieuwe producten van te maken zoals de valbrekende ondergronden op speelplaatsen.’’

‘Continu op zoek naar nieuwe, innovatieve oplossingen’

Sander Werkhoven, key accountmanager Spelen en Ondergronden bij Donker Groep: ‘We denken mee met alle fabrikanten waar we onderdelen inkopen: hoe kunnen we een onderdeel duurzamer maken? Door onze jarenlange samenwerking met Hecmar wisten we dat ze bezig waren om van gerecycled foam valondergronden te maken. Samen hebben we de Refoam shockpad ontwikkeld.’

Veerkrachtige halfjaarresultaten en positieve vooruitzichten

Naamloos-1 kopiëren
Lees het gehele artikel

Samengevat

  • Veerkrachtige financiële en operationele prestaties ondanks Covid-19
  • Volumes van Nederland en België Commercial in het 2e kwartaal goed hersteld tot respectievelijk 97% en 91% van vorig jaar
  • Opbrengsten en onderliggende EBITDA uit de voortgezette activiteiten met 3% gedaald1
  • Onderliggende EBIT uit de voortgezette activiteiten met 25% gedaald tot € 28,3 mln.1
  • Totaal uitzonderlijke posten met 86% gedaald tot € 8,1 mln.
  • Statutaire winst van € 3,5 mln., € 38,9 mln. meer vergeleken met vorig boekjaar
  • € 10 mln. kostenbesparingen in H1 en naar verwachting meer dan de geplande € 15 mln. over het volledige boekjaar.  Naar verwachting meer dan de geplande € 60 mln. aan kasbesparingen over het volledige boekjaar
  • Vrije kasstroom met 89% gestegen tot € 97,8 mln., mede dankzij aanzienlijk uitstel van belastingen
  • Nettokernschuld* verminderd van € 457 mln. in maart 2020 tot € 381 mln., waardoor de ratio nettoschuld / EBITDA uitkomt op 2,69x
  • Liquiditeit blijft sterk met € 325 mln. (maart 2020: € 252 mln.)

Drijfveren voor aanhoudende toekomstige winstgroei blijven sterk

  • Herstel opbrengsten ATM op schema
  • Programma Renewi 2.0 vordert goed
  • Innovatiepijplijn vordert, vooral in verband met bio-LNG, bouwmaterialen en RetourMatras
  • Gunstige trend in regelgeving houdt aan en groeiende vraag naar circulaire oplossingen
  • Vooruitzichten volledig jaar: de raad van bestuur verwacht een wezenlijk betere prestatie dan in eerdere vooruitzichten

1Cijfers vermeld op basis van voortgezette activiteiten (exclusief Reym en onze Canadese activiteiten, die in het vorige boekjaar werden afgestoten) en op ongewijzigde IFRS 16-basis

*De nettokernschuld, die wordt gebruikt om de schuldgraad bij banken te berekenen, is exclusief de impact van leaseverplichtingen onder IFRS 16 en de nettoschuld in het kader van de PPP-contracten in het Verenigd Koninkrijk

 Otto de Bont, Chief Executive Officer, over de resultaten:

“We hebben in de eerste helft van dit jaar een uitstekende prestatie geleverd, beter dan de door onze covid-19 bijgestelde prognose, met dank aan de inspanningen van onze mensen. We zijn onze klanten en gemeenschappen onverminderd blijven bedienen en hebben belangrijke innovaties doorgevoerd in onze producten, diensten en operationele werkwijzen om onze mensen te beschermen. Dankzij stevige ingrepen in de kosten en de kasmiddelen boekten we een positieve kasstroom en daalden zowel de netto schuld als de schuldgraad. Ik wil onze 6.800 medewerkers bedanken voor de inzet en flexibiliteit waarmee zij in deze uitdagende tijden onafgebroken onze klanten bijstaan en meer uit het afval blijven halen. 

“De raad van bestuur blijft voorzichtig over de macro-economische vooruitzichten, in het bijzonder gericht op een mogelijke toekomstige vertraging van de Nederlandse bouwmarkt. Hoewel in de Benelux recent opnieuw strengere lockdownmaatregelen zijn afgekondigd om covid-19 te beteugelen, die mogelijk de volledige tweede helft van het boekjaar van kracht blijven, verwachten wij gezien onze sterke prestaties in het eerste halfjaar, dat een periode van omvangrijke lockdownmaatregelen in het eerste kwartaal omvatte, een resultaat voor het volledige jaar dat aanmerkelijk hoger ligt dan onze eerdere verwachtingen. 

Hoewel ons resultaat op langere termijn wordt beïnvloed door de snelheid en omvang van het economische herstel, zijn de afvalvolumes vanouds bestand tegen cyclische schommelingen, terwijl de overgang naar meer recycling ons bedrijfsmodel blijft ondersteunen. De duurzaamheidsagenda en het potentiële ‘groene herstel’ met steun van de EU en nationale regeringen bieden naar verwachting aantrekkelijke kansen voor Renewi om afval in een groter aantal hoogwaardige secundaire materialen om te zetten. Wij blijven ervan overtuigd dat onze drie strategische groei-initiatieven – winstherstel bij ATM, het Renewi 2.0-programma en onze innovatiepijplijn – voor een aanzienlijke extra winst zullen zorgen in de komende drie jaar en daarna.”

Financiële kerncijfers

  Sep 2020 Sep 2019 %
ONDERLIGGEND, NIET-STATUTAIR      
Opbrengsten1 voortgezette activiteiten € 821,4 mln  € 850,7 mln. -3%
Onderliggende EBITDA1 voortgezette activiteiten     88,5 mln.    € 91,2 mln. -3%
Onderliggende EBIT1 voortgezette activiteiten € 28,3 mln.     € 37,8 mln. -25%
Onderliggende winst voor belastingen1 voortgezette activiteiten € 15,3 mln.     € 20,2 mln. -24%
Onderliggende WPA1 voortgezette activiteiten (cent per aandeel)        1,5 ct.         1,9 ct. -21%
Vrije kasstroom1 € 97,8 mln.    € 51,8 mln. +89%
Nettokernschuld*   € 381 mln.     € 514 mln.  
       
STATUTAIR
Opbrengsten uit voortgezette activiteiten  € 821,4 mln. € 915,7 mln.  
Operationele winst uit voortgezette activiteiten     € 17,0 mln.      € 1,0 mln.  
Winst/(verlies) voor belastingen uit voortgezette activiteiten    € 4,4 mln. € (17,8) mln.  
Verlies uit stopgezette activiteiten     – € (16,6) mln.  
Basiswinst per aandeel uit voortgezette activiteiten (cent)         0,5 ct.      (2,4) ct.  
Kasstroom uit operationele activiteiten € 133,9 mln.    € 85,4 mln.  

1Welke niet-IFRS maatstaven zijn gebruikt en waarom wordt uiteengezet in toelichting 18. De voortgezette activiteiten zoals weergegeven voor het vorige boekjaar zijn exclusief de financiële resultaten voor de Canada Municipal-activiteiten, die op 30 september 2019 werden verkocht, en de Reym-activiteiten, die op 31 oktober 2019 werden verkocht, zoals uiteengezet op pagina 4. Het onderdeel Canada Municipal voldeed aan de definitie van een stopgezette activiteit en werd als dusdanig opgenomen.

* De nettokernschuld, die wordt gebruikt om de schuldgraad bij banken te berekenen, is exclusief de impact van leaseverplichtingen onder IFRS 16 en de nettoschuld in het kader van de PPP-contracten in het VK.

De resultaten over zowel dit boekjaar als de vergelijkbare periode van het vorige boekjaar worden gerapporteerd met toepassing van IFRS 16.  Waar van toepassing delen wij ook bepaalde maatstaven op IAS 17-basis mee, aangezien die met name voor de berekening van de schuldgraad ten aanzien van de bankconvenanten relevant zijn.